Belatamin 100mg/ml Opl Inj 25ml
Op voorschrift
Geneesmiddel

Belatamin 100mg/ml Opl Inj 25ml

  € 20,14
Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen.

Niet beschikbaar

Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.

Speciale waarschuwingen: Voor zeer pijnlijke en grote chirurgische ingrepen alsook voor het onderhouden van de anesthesie is een combinatie met injecteerbare of inhaleerbare anesthetica nodig. Omdat de voor chirurgische ingrepen noodzakelijke spierrelaxatie niet door ketamine alleen kan worden bereikt, dienen gelijktijdig extra spierontspanners te worden toegediend. Voor een betere anesthesie of een langer effect kan ketamine met alfa-2-receptoragonisten, anesthetica, neuroleptanalgetica, tranquilizers en inhalatie-anesthetica worden gecombineerd. Speciale voorzorgsmaatregelen voor gebruik bij de doeldiersoorten: Bij een klein aantal dieren werd vastgesteld dat deze niet reageren op ketamine als anestheticum bij normale doses. In geval van premedicatie moet een gepaste dosisverlaging volgen. Bij katten en honden blijven de ogen open en zijn de pupillen verwijd. De ogen kunnen worden beschermd door deze met een vochtig steriel gaasje te bedekken, of door een geschikte oogzalf te gebruiken. Ketamine kan proconvulsieve en anticonvulsieve eigenschappen hebben; daarom moet het met zorg worden gebruikt bij patiënten met epileptische stoornissen. Ketamine kan de intracraniale druk verhogen; als gevolg daarvan kan het ongeschikt zijn voor patiënten met cerebrovasculaire insulten. Indien het in combinatie met andere diergeneesmiddelen wordt gebruikt, dienen de contra-indicaties en waarschuwingen uit de relevante rubrieken van de bijsluiter te worden geraadpleegd. De ooglidreflex blijft aanwezig. Spiertrekkingen en excitatie kunnen voorkomen bij de recovery. Het is belangrijk dat zowel premedicatie als recovery in een stille en rustige omgeving plaatsvinden. Om een vlotte recovery te garanderen moeten, indien nodig, passende pijnstillers en premedicatie worden toegediend. Het gelijktijdig gebruik van andere pre-anesthetica of anesthetica moet worden onderworpen aan een baten/risicobeoordeling, rekening houdend met de samenstelling van de gebruikte medicijnen, de dosering ervan en de aard van de ingreep. De aanbevolen dosis van ketamine kan variëren afhankelijk van de gelijktijdige toegediende pre�anesthetica en anesthetica. Voorafgaande toediening van een anticholinergicum zoals atropine of glycopyrrolaat om het optreden van bijwerkingen, vooral hypersalivatie, te voorkomen, kan worden overwogen na een baten/risicobeoordeling door de behandelend dierenarts. Voorzichtigheid is geboden als ketamine gebruikt wordt wanneer er sprake of een vermoeden is van longziekte. Vóór de anesthesie moet het dier, indien mogelijk, gedurende een bepaalde periode vasten. Bij kleine knaagdieren moet afkoeling worden voorkomen. Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient: Dit is een krachtig diergeneesmiddel. Bijzondere voorzichtigheid is geboden om accidentele zelfinjectie te vermijden. Personen met een bekende overgevoeligheid voor ketamine of propyleenglycol moeten contact met het diergeneesmiddel vermijden. Vermijd contact met de huid en ogen. Eventuele spatten op de huid of in de ogen onmiddellijk met veel water verwijderen. Foetotoxische effecten kunnen niet worden uitgesloten. Zwangere vrouwen mogen dit diergeneesmiddel niet toedienen. In geval van accidentele zelfinjectie, dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. BESTUUR GEEN VOERTUIGEN. Dit diergeneesmiddel niet gebruiken indien u weet dat u gevoelig bent voor propyleenglycol. Advies aan artsen: Laat de patiënt niet onbewaakt achter. De luchtwegen vrijhouden en symptomatische en ondersteunende behandeling geven.

- Immobilisatie
- Sedatie
- Algehele anesthesie

Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Neuroleptica, tranquillizers en chlooramfenicol versterken het anesthetische effect van ketamine. Barbituraten, opiaten en diazepam kunnen de recoverytijd verlengen. Er kunnen cumulatieve effecten optreden. Een verlaging van de dosis van één, of beide middelen kan noodzakelijk zijn. Een verhoogd risico op hartritmestoornissen is mogelijk wanneer ketamine wordt gebruikt in combinatie met thiopental of halothaan. Halothaan verlengt de halfwaardetijd van ketamine. De gelijktijdige intraveneuze toediening van een spasmolytisch middel kan een collaps veroorzaken. Theofylline kan, wanneer het met ketamine wordt toegediend, een toename van epileptische aanvallen veroorzaken. Wanneer detomidine samen met ketamine wordt gebruikt, is de recovery langzamer dan wanneer ketamine alleen wordt gebruikt. Zie ook rubriek "Speciale waarschuwingen voor elke diersoort waarvoor het diergeneesmiddel bestemd is".

7. Bijwerkingen Schapen, varkens, cavia's, hamsters, ratten en muizen: Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren): Hartstilstand1 , Hypotensie (lage bloeddruk)1 Dyspneu (ademhalingsmoeilijkheden)1 , Bradypneu (trage ademhaling)1 , Longoedeem1 Convulsies1 , Trillen1 Uitputting1 Hypersalivatie (verhoogde speekselproductie)1 Pupilstoornis1 Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Mydriasis (verwijde pupillen)2 , Nystagmus (snelle oogbewegingen)2 1 voornamelijk tijdens en na de ontwaakfase 2 terwijl de ogen open blijven Katten: Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren): Dyspneu (ademhalingsmoeilijkheden)1 , Bradypneu (trage ademhaling)1 , Longoedeem1 Convulsies1 , Trillen1 Uitputting1 Hypersalivatie (verhoogde speekselproductie)1 Pupilstoornis1 Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Mydriasis (verwijde pupillen)2 , Nystagmus (snelle oogbewegingen)2 Spierhypertonie (verhoogde spierspanning) Ademhalingsdepressie3 Tachycardie (snelle hartslag) Onmiddellijke pijn bij injectie4 Onbepaalde frequentie (kan niet worden geschat op basis van de beschikbare gegevens): Spiertrekkingen, tonische aanvallen 1 voornamelijk tijdens en na de ontwaakfase 2 terwijl de ogen open blijven 3 dosisafhankelijk, kan leiden tot ademhalingsstilstand; een combinatie met ademhalingsremmende producten kan dit effect versterken 4 na intramusculaire injectie Honden: Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren): Hartstilstand1 , Hypotensie (lage bloeddruk)1 Dyspneu (ademhalingsmoeilijkheden)1 , Bradypneu (trage ademhaling)1 , Longoedeem1 Convulsies1 , Trillen1 Uitputting1 Hypersalivatie (verhoogde speekselvloed)1 Pupilstoornis1 Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Mydriasis (verwijde pupillen)2 , Nystagmus (snelle oogbewegingen)2 Ataxie (coördinatiestoornis)6 , Hyperesthesie (verhoogde gevoeligheid voor prikkels)6 , Spierhypertonie (verhoogde spierspanning) Ademhalingsdepressie3 Tachycardie (snelle hartslag), Hypertensie (hoge bloeddruk) Bloeding5 Agitatie6 1 voornamelijk tijdens en na de ontwaakfase 2 terwijl de ogen open blijven 3 dosisafhankelijk, kan leiden tot ademhalingsstilstand; een combinatie met ademhalingsremmende producten kan dit effect versterken 5 de verhoogde neiging tot bloeden treedt op als gevolg van hypertensie (hoge bloeddruk) 6 tijdens het ontwaken Paarden: Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren): Hartstilstand1 , Hypotensie (lage bloeddruk)1 Dyspneu (ademhalingsmoeilijkheden)1 , Bradypneu (trage ademhaling)1 , Longoedeem1 Convulsies1 , Trillen1 , Ataxie (coördinatiestoornis)6 , Hyperesthesie (verhoogde gevoeligheid voor prikkels)6 Uitputting1 Hypersalivatie (verhoogde speekselvloed)1 Pupilstoornis1 Agitatie6 Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Mydriasis (verwijde pupillen)2 , Nystagmus (snelle oogbewegingen)2 Spierhypertonie (verhoogde spierspanning) 1 voornamelijk tijdens en na de ontwaakfase 2 terwijl de ogen open blijven 6 tijdens het ontwaken Runderen, geiten en konijnen: Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren): Hartstilstand1 , Hypotensie (lage bloeddruk)1 Dyspneu (ademhalingsmoeilijkheden)1 , Bradypneu (trage ademhaling)1 , Longoedeem1 Convulsies1 , Trillen1 Uitputting1 Hypersalivatie (verhoogde speekselproductie)1 Pupilstoornis1 Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Mydriasis (verwijde pupillen)2 , Nystagmus (snelle oogbewegingen)2 Spierhypertonie (verhoogde spierspanning) Ademhalingsdepressie3 1 voornamelijk tijdens en na de ontwaakfase 2 terwijl de ogen open blijven 3 dosisafhankelijk, kan leiden tot ademhalingsstilstand; een combinatie met ademhalingsdepressieve producten kan dit effect versterken Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen of diens lokale vertegenwoordiger met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem: www.eenbijwerkingmelden-dieren.be of mail: adversedrugreactions_vet@fagg�afmps.be

- ernstige hypertensie,
- cardio-respiratoire aandoeningen,
- lever- of nierinsufficiëntie.
- glaucoom.
- eclampsie of pre-eclampsie

Dracht en lactatie: Ketamine komt via de placenta gemakkelijk in de bloedsomloop van de foetus terecht, waarbij 75 tot 100% van de maternale bloedspiegels kan worden bereikt. Dit verdooft de neonaten gedeeltelijk bij geboorte via een keizersnede. De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen tijdens dracht en lactatie. Uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten-risicobeoordeling door de behandelende dierenarts.

  1. Dosering voor elke doeldiersoort, toedieningswijzen en toedieningswegen Voor langzame intraveneuze en intramusculaire toediening. Bij laboratoriumdieren is intraperitoneale toediening ook mogelijk. Ketamine moet gecombineerd worden met een sedativum. Een dosis van 10 mg ketamine per kg lichaamsgewicht komt overeen met 0,1 ml van een 100 mg/ml oplossing per kg lichaamsgewicht. Intramusculaire toediening: er mag niet meer dan 20 ml worden toegediend op één intramusculaire injectieplaats. Het effect van ketamine kan sterk verschillen tussen individuen. Daarom dient een individuele aanpassing van de dosering te gebeuren, afhankelijk van factoren zoals de leeftijd en de conditie van het dier, en de gewenste diepte en duur van de anesthesie. Zorg ervoor dat het dier voldoende gesedeerd is voordat ketamine wordt toegediend. De onderstaande doseringsadviezen vermelden de mogelijke combinaties met ketamine. Het gelijktijdig gebruik van andere pre-anesthetica, anesthetica of sedativa moet worden onderworpen aan een baten/risicobeoordeling door de behandelend dierenarts. Hond Combinatie met xylazine of medetomidine

Xylazine (1,1 mg/kg IM) of medetomidine (10 tot 30 µg/kg IM) kan gecombineerd worden met ketamine (5 tot 10 mg/kg, overeenkomend met 0,5 tot 1 ml/10 kg IM) voor kortdurende anesthesie van 25 tot 40 min. De dosis ketamine kan aangepast worden naargelang van de gewenste duur van de operatie. Bij intraveneuze toediening moet de dosis worden verlaagd tot 30 - 50 % van de aanbevolen intramusculaire dosis. Kat Combinatie met xylazine: Xylazine (0,5 tot 1,1 mg/kg IM), eventueel in combinatie met atropine, wordt 20 minuten voor ketamine toegediend (11 tot 22 mg/kg IM, overeenkomend met 0,11 tot 0,22 ml/kg IM). Combinatie met medetomidine: Medetomidine (10 tot 80 µg/kg IM) kan gecombineerd worden met ketamine (2,5 tot 7,5 mg/kg IM, overeenkomend met 0,025 tot 0,075ml/kg IM). De dosis ketamine moet verlaagd worden als de dosis medetomidine verhoogd wordt. Paard Combinatie met detomidine: Detomidine toedienen in een dosis van 20 µg/kg IV, en 5 minuten later een dosis ketamine van 2,2 mg/kg via snelle IV-injectie toedienen (2,2 ml/100 kg IV). De anesthesie werkt geleidelijk. Het duurt ongeveer 1 minuut voor het dier gaat liggen. Het anesthetisch effect houdt ongeveer 10 tot 15 minuten aan. Combinatie met xylazine: Xylazine in een dosis van 1,1 mg/kg IV, gevolgd door ketamine in een dosis van 2,2 mg/kg IV (2,2 ml/100 kg IV). De anesthesie werkt geleidelijk. Het duurt ongeveer 1 minuut voor het dier gaat liggen. De duur van het anesthetisch effect varieert en houdt ongeveer 10 tot 30 minuten aan, maar gewoonlijk minder dan 20 minuten. Na injectie gaat het paard uit zichzelf liggen. Indien er gelijktijdig een afzonderlijke spierontspanning nodig is, kunnen spierontspanners worden toegediend bij het liggende dier tot het paard de eerste tekenen van ontspanning vertoont. Rund Combinatie met xylazine: Intraveneuze toediening: Volwassen runderen kunnen gedurende een korte periode geanestheseerd worden met xylazine (0,1 mg/kg IV), gevolgd door ketamine (2 mg/kg IV, overeenkomend met 2 ml/100 kg IV). De anesthesie duurt ongeveer 30 minuten maar kan met 15 minuten verlengd worden door toediening van extra ketamine (0,75 tot 1,25 mg/kg IV, overeenkomend met 0,75 tot 1,25 ml/100 kg IV). Intramusculaire toediening: Bij intramusculaire toediening moet de dosis ketamine en xylazine verdubbeld worden. Schaap, geit Intraveneuze toediening: Ketamine in een dosis van 0,5 tot 22 mg/kg IV, overeenkomend met 0,05 tot 2,2 ml/10 kg IV, afhankelijk van het gebruikte sedativum. Intramusculaire toediening: Ketamine in een dosis van 10 tot 22 mg/kg IM, overeenkomend met 1,0 tot 2,2 ml/10 kg IM, afhankelijk van het gebruikte sedativum. Varken Combinatie met azaperone: Ketamine in een dosis van 15 - 20 mg/kg IM (1,5 - 2 ml/10 kg) en 2 mg/kg azaperone IM. Bij varkens van 4 - 5 maanden oud, na toediening van 2 mg/kg azaperone en 20 mg/kg ketamine IM, treedt het anesthetisch effect na ongeveer 29 minuten in en houdt het anesthetisch effect ongeveer 27 minuten aan. Laboratoriumdieren Combinatie met xylazine Konijn: xylazine (5-10 mg/kg IM) + ketamine (35-50 mg/kg IM, overeenkomend met 0,35 tot 0,50 ml/kg IM) Rat: xylazine (5-10 mg/kg IP, IM) + ketamine (40-80 mg/kg IP, IM, overeenkomend met 0,4 – 0,8 ml/kg IP, IM) Muis: xylazine (7,5-16 mg/kg IP) + ketamine (90-100 mg/kg IP, overeenkomend met 0,9 tot 1,0 ml/kg IP) Cavia: xylazine (0,1 tot 5 mg/kg IM) + ketamine (30-80 mg/kg IM, overeenkomend met 0,3 tot 0,8 ml/kg IM) Hamster: xylazine (5 tot 10 mg/kg IP) + ketamine (50 tot 200 mg/kg IP, overeenkomend met 0,5 tot 2 ml/kg IP) Onderhoudsdosis voor anesthesie: Indien nodig, is verlenging van het effect mogelijk door herhaalde toediening van een eventueel verlaagde startdosis. De injectieflacon kan tot 50 keer aangeprikt worden. De gebruiker moet, afhankelijk van de doeldiersoort en de toedieningsweg, het juiste formaat injectieflacon kiezen.

CNK 4551008
Organisaties Kela Veterinaria
Breedte 35 mm
Lengte 70 mm
Diepte 70 mm
Hoeveelheid verpakking 25
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)